Dicky vertelt over haar hulp bij de dag van de huishoudelijke hulp

“Ik zou haar niet willen missen.”

Iedereen die zelf het huishouden doet – of kán doen – zal beamen dat huishoudelijk werk best zwaar is. Daarom is het fijn dat er mensen zijn die jou met plezier het werk uit handen nemen. Vandaag, 15 mei, is de Dag van de Huishoudelijke Hulp. Goed om even stil te staan bij wat jouw huishoudelijke hulp voor je betekent en hoe mooi het eigenlijk is dat jullie er voor elkaar zijn. Mevrouw Dicky Bosma vertelt  haar verhaal over haar vaste hulp Mirjam.  Door  Milou Diepstraten

“Ze is niet van het koffieleuten, dat zou ik ook niet willen.”

 

“Met Sinterklaas schrijf ik voor haar een gedicht en als ze jarig is of met vakantie gaat, zorg ik voor een aardigheidje. Nee, ik zou haar niet kunnen missen.” Dicky Bosma (72 jaar) uit het Friese Bolsward heeft het over Mirjam die haar al vijf jaar iedere dinsdag van 9.00 tot 12.00 helpt bij het huishouden.

“Ik heb een heel werkzaam leven gehad. Eerst was ik secretaresse en daarna begon ik als bedrijfsleidster in de detailhandel. In de winkel verkochten we het traditionele Makkumer Aardewerk van Koninklijke Tichelaar. Dat heb ik lang gedaan, het was erg leuk. Ook omdat mijn man en ik bij hetzelfde bedrijf werkten. Als plateelschilder beschilderde hij, meestal in opdracht, aardewerk en porselein. Een heel specialistisch werkje. Je kunt wel zeggen dat wij met elkaar én met het bedrijf waren getrouwd.”

“In 1982 werd bij mij reuma geconstateerd. Ik onderging diverse operaties, maar kreeg steeds meer moeite met werken. Vijf jaar later werd ik afgekeurd, maar op de achtergrond was ik nog wel actief. In 1994 kwamen mijn man en ik in Bolsward wonen. Gezien ons beider gezondheid was een appartement de beste keuze. Tot 2011 deden we het huishouden samen, maar op een bepaald moment merk je toch dat alledaagse klussen steeds meer energie kosten. Daarom vroeg ik datzelfde jaar hulp in de huishouding aan. Eén keer in de week, drie uurtjes hulp: dat moest het worden. En toen kwam Mirjam!”

“In het begin was ze een beetje bedeesd, ze zei niet zo veel. En eigenlijk doet ze dat nog niet. Ze voelt mij goed aan, gaat lekker haar eigen gangetje en daardoor kan ik dat ook doen. Dan werk ik wat in mijn computerkamertje; ik doe redactiewerk voor het Bolswards Historie, een magazine dat twee keer per jaar verschijnt. En ik lees graag, Tommy Wieringa, Geert Mak, Mensje van Keulen, Harry Mulisch, Leon de Winter: hun werk houdt mij scherp.”

“Mirjam heeft door de jaren heen een vast ritme ontwikkeld. Ze begint met de grote slaapkamer, ze doet het toilet, de douche, stofzuigt de logeerkamer, het kantoortje en ondertussen draait ze een wasje die ze later ophangt. Ze is heel attent. Als iets bijna op is, geeft ze me een seintje. Bovendien is Mirjam niet iemand die lang gaat zitten koffieleuten, dat zou ik ook niet willen. We drinken samen een kopje thee en dan gaan we weer door. Langzaamaan hebben we een heel fijne band opgebouwd, zeer vriendschappelijk en met wederzijds respect. En wat ik ook zo mooi vind, is dat ze nooit over anderen zal kletsen terwijl Bolsward toch een kleine stad is. Dat siert haar. Ik kan Mirjam voor honderd procent vertrouwen.”

“Vorig jaar werd mijn situatie opnieuw geëvalueerd door een zorgconsulent. Ze keken ook óf en hoe veel recht ik had op een huishoudelijke hulp. Gelukkig bleef het zoals het was. Ik ben blij dat Mirjam er iedere week voor mij is. Ik zou haar niet kunnen én willen missen.”